BROKERTAX

Wijzigingen aan tarieven en interpretaties

Fiscale regels bewegen, en onze lezing beweegt mee wanneer de bronnen dat vragen. Hier staat elke inhoudelijke wijziging, met de reden en wat ze voor u betekent. Een gewone deploy zonder fiscale impact staat hier niet.

11/08/2026

IWDA en CSPX tonen in de tarievenlijst niet langer een vast tarief van 1,32 procent, maar de twee lezingen die openstaan: 0,12 of 1,32 procent.

Waarom: De lijst en de detailanalyse spraken elkaar tegen: de analyse noemde het tarief juridisch niet eenduidig (compartiment niet op de FSMA-lijst, de paraplu wel), terwijl de lijst de voorzichtige aanname als vaststaand toonde.

Voor u: Wie een van deze fondsen verhandelt, controleert het tarief best voor de aangifte: kijk wat uw broker aanrekent of leg de vraag voor aan een fiscalist.

11/08/2026

De lijst van EER-landcodes waaraan de motor de domicilie van een fonds afleest, is vervolledigd van twintig naar dertig landen, onder meer met Malta.

Waarom: Een ontbrekende landcode prijsde een EER-fonds stilzwijgend als niet-EER, aan 0,35 procent met plafond 1.600 euro. Geen enkel fonds in onze dataset was getroffen, maar het FSMA-register bevat wel Maltese compartimenten.

Voor u: Geen impact op bestaande berekeningen; de fout was latent.

10/08/2026

De zin "bij twijfel is het veiliger het hogere tarief aan te geven" is van de beurstakspagina verwijderd, samen met de belofte dat te veel betalen naheffing of boete uitsluit.

Waarom: 1,32 procent geldt alleen voor een kapitalisatieklasse van een in België geregistreerd fonds. Het toepassen op een verrichting die er niet onder valt, is geen voorzichtigheid maar een verkeerde aangifte, en de uitkomst van een controle kunnen wij niet beloven.

Voor u: Wie op basis van de oude tekst standaard het hoogste tarief aangaf, kijkt zijn eerdere aangiften best na.

10/08/2026

De beurstaksgids legt het fondstarief nu uit via de domicilie (af te lezen uit de ISIN) en de Belgische FSMA-registratie, in plaats van via een "registratie in de EER".

Waarom: De vorige formulering sprak de eigen tariefmotor tegen, die naar de domicilie kijkt en niet naar een EER-registratie. Wie de oude uitleg volgde, zocht naar het verkeerde feit.

Voor u: Geen tariefwijziging; alleen de uitleg is rechtgezet.

10/08/2026

34 eerder onbesliste fondsen zijn stuk voor stuk gecontroleerd tegen het officiële FSMA-register, toestand 7 augustus 2026: 28 geregistreerd (1,32 procent voor de kapitalisatieklasse), 6 niet (0,12 procent).

Waarom: Voor deze fondsen ontbrak eerder een aanvaardbare bron over de Belgische registratie, waardoor het tarief niet gepubliceerd werd.

Voor u: Deze fondsen dragen sindsdien een onderbouwd tarief in de lijst en in de maandelijkse berekening.

09/08/2026

De tariefmotor leidt het beurstakstarief van een fonds voortaan af uit drie feiten (domicilie, aandelenklasse, Belgische registratie) in plaats van 1,32 procent als algemene veiligheidswaarde te nemen.

Waarom: Een gedocumenteerde uitkerende klasse blijft op 0,12 procent, geregistreerd of niet. Ze het kapitalisatietarief aanrekenen was geen voorzichtigheid maar een fout.

Voor u: Acht uitkerende ETF's die eerder 1,32 procent kregen, staan sindsdien op 0,12 procent.